Gaudentius Diemel - Leidse jaren 1790-1818

🪟 VENSTER 2 - EEN BUURGESCHIL

1. Een onverwacht archiefspoor

Na zijn jaren in Niederbergheim en Stompwijk bereikt het verhaal van Gaudentius Diemel Leiden, de stad waar hij zich in 1790 als kleermakersknecht liet inschrijven in het poorterboek.1 Over zijn Leidse jaren weten de archieven beduidend minder dan over zijn verblijf in Stompwijk. Juist daarom is iedere nieuwe bron van bijzondere waarde. Elk document dat iets prijsgeeft over zijn dagelijks leven voegt een klein stukje toe aan zijn levensverhaal.

Een van die zeldzame bronnen is een notariële attestatie uit 1802.2 Op het eerste gezicht lijkt het een eenvoudige verklaring, zoals notarissen die destijds met grote regelmaat opstelden. Toch bleek juist deze akte veel verder te voeren dan bij het openslaan ervan was te vermoeden.

De verklaring werpt slechts een bescheiden licht op het leven van Gaudentius zelf. Zij vertelt niets over zijn gezin, zijn werkzaamheden als kleermaker of zijn financiële omstandigheden. Wel laat de akte zien in welke omgeving hij leefde, welke mensen hij kende en hoe hij als buurtbewoner betrokken raakte bij een gebeurtenis waarvan de betekenis ruim tweehonderd jaar later niet meer volledig is te achterhalen.

In de notariële verklaring komen verschillende personen voorbij. Anthony Cornelis Martinus van Bommel en de weduwe Van Dinter spelen daarin een belangrijke rol. Toch zijn zij in dit verhaal niet de hoofdpersonen. Zij vormen de achtergrond waartegen zich een klein stukje van het Leidse leven van Gaudentius Diemel aftekent.

  1. Erfgoed Leiden en Omstreken, Poorterboek Leiden, inschrijving Gaudentius (Goudens) Diemel, 12 februari 1790, toegang 0501A, inv.nr. 1271K, folio 3. [Bekijk online] ? terug
  1. Erfgoed Leiden en Omstreken, Notarieel Archief Leiden, notaris Albertus Kleijnenbergh Jansz., attestatie d.d. 4 januari 1802, toegang 0506, inv.nr. 2571, folio 1. [Bekijk online] ? terug